NaamBreeningen, Lijsbeth

Geboren datum(00-00-1732)
Geboren plaats3411 Lopik, Nederland
Doop datum7 december 173257 Leeftijd: <1
Doop plaats3411 Lopik, Nederland
MemoDTB Lopik; NG, Aantie den Oudsten
Overlijden datummei 1810 Leeftijd: 78
Overlijden plaats3413 Jaarsveld, Nederland
Begraven datum10 mei 181058
Begraven plaats3413 Jaarsveld, Nederland
PatroniemLauwen
Zoals uit het al eerder genoemde Nieuw opgerigt Doop- of trouwboek uit 1788 blijkt, is Teunis op 14 september 1733 in Jaarsveld geboren. We weten niet of er op dat moment meer kinderen in het gezin aanwezig waren.
Over zijn doen en laten is vrijwel niets bekend.
Wel vond ik in het Doop- trouw- en begraafboek van Lopik een huwelijksinschrijving waaruit blijkt dat aldaar op 17 mei 1754 Theunis Eijkelenstam in ondertrouw gaat met Lijsbeth van Breeningen; ze trouwen op 2 juni van dat jaar.
Lijsbeth is twee jaar ouder dan Theunis en is op 7 december 1732 in Lopik geboren als dochter van Laurens Bastiaan Breeningen en Annigje Lauwen Straver
Merkwaardig is dat in het Nieuw opgerigt Doop- of Trouwboek het gezin is vermeld met vijf kinderen; uit andere bronnen kun je echter concluderen dat deze gegevens niet volledig zijn. Het doopregister van Lopik vermeldt nl. dat daar drie keer, resp in 1756, 1757 en op 26-1-1759 een meisje met de naam Annigje is gedoopt als kind van Theunis en Lijsbeth. De laatst genoemde Annigje trouwde in 1790 in Jaarsveld en vertrtok daarna naar Ginneken. Waarom deze kinderen en zeker de laatste in 1788 niet in de gezinslijst zijn opgenomen is niet duidelijk.
Of we nu het gehele gezin in beeld hebben blijft onzeker. Ik weet niet of er in dit gezin meer, maar jong overleden kinderen zijn geweest.
Het gezin verhuisde blijkbaar ook wel eens. Op 14-08-1778 ontvangt Lopik nl. een kopie acte van indemniteit, eerder afgegeven te Jaarsveld op 4-5-1756 tbv Teunis Barthen Eijkelenstam met zijn zoon Bart van 1 jaar oud. Het lijkt er op dat ze niet meteen na het huwelijk, dat in Lopik plaats vond, daar ook zijn gaan wonen. De acte van indemniteit vrijwaart het dorp of de stad waar men zich wil vestigen van kosten van armlastigheid door nieuw ingekomenen. De plaats waar men vandaan komt geeft als het ware een garantie daarvoor af. Het was vaak een voorwaarde om zich ergens te mogen vestigen.
In 1801 woont Teunis blijkens de Nieuwe lidmatenlijst van dat jaar weer in Jaarsveld in de Kerkbuurt.
Teunis komt in 1803 op 70 jarige leeftijd te overlijden; op 7 november van dat jaar wordt hij in de kerk van Jaarsveld begraven.
In het gaardersboek van Jaarsveld op 7-11-1803 staat het volgende
Teunis Eijkelenstam begraven in den kerk kosten:
Kerke gerechtigheid 1(gulden)
't huren van het graf 2 10(stuiver)
't doodkleed 3 10
Lijsje overlijdt in 1810 en wordt op 10 mei eveneeens in de kerk begraven.
Deze inschrijvingen in het gaardersregister zijn interessant, want in tegenstelling tot hun ouders worden zij niet van de armen begraven. Ze behoorden dus niet meer tot de armsten van het dorp, maar of en zo ja in welke mate zij enige welstand hadden en of zij bijv bezittingen hadden is niet meer na te gaan.
-----------------------------------------------
De naam van Theunis is geschreven cf het oudste bekende document, nl de ondertrouwinschrijving in het DTB van Jaarsveld
-----------------------------------------------
1754 DTB Lopik
Den 17 Maij zijn bij ons in wettigen ondertrouw opgenomen
Theunis Eijkelenstam J.M. wonende tot Lopik
en
Lijsbeth Breeningen J.D. wonende tot Lopik
En zijn, overgebracht hebbende attestatie van Jaarsvelt, den 2 Junij hier getrouwd
Niet alleen omdat het voor ons onderzoek zo’n verstorende rol speelt, maar ook omdat het ongetwijfeld voor de betrokkenen ingrijpend is geweest, is het gebeurde in 1787 vermeldenswaard.
In dat gedenkwaardige jaar 1787 was het gezin van Teunis Eikelenstam en Lijsje van Breeningen nog bijna compleet. Alleen de oudste zoon Bart was net een paar weken getrouwd en woonde mogelijk met zijn vrouw Anna Borst al in Lopik. Waarschijnlijk waren de andere kinderen in leeftijd varierend van 9 tot 19 jaar, allen nog thuis woonachtig
Wilhelmina van Pruisen, de vrouw van stadhouder Willem V maakte in 1787 haar mislukte tocht naar den Haag. Op 28 juni 1787 ging zij via Nijmegen, Tiel, Nieuwpoort en Schoonhoven op weg naar de residentie en even voorbij Jaarsveld strandde ze.
De echte aanhouding vond overigens niet bij het veel genoemde Goejanverwellesluis plaats, maar halverwege Vlist en Polsbroek, op de weg van Schoonhoven richting Haastrecht. Wilhelmina werd vandaar, met haar gezelschap opgebracht naar een boerderij bij de Goejanverwellesluis in Hekendorp waar de commandant van het vrijcorps van Gouda was ingekwartierd. Na de komst van de defensiecommissie uit Woerden werd de nacht doorgebracht in Schoonhoven, waaarna de prinses de volgende dag terugkeerde naar Nijmegen.Het moet een indrukwekkende gebeurtenis zijn geweest. Daar komt nog bij dat het gewoon was dat de meetrekkende troepen door plundering in hun onderhoud voorzagen. Dat overkwam bijvoorbeeld de predikant van Jaarsveld, J.Kooy, die op familiebezoek in Maassluis was. Zijn huis werd leeggehaald, waarbij behalve kostbaarheden oa. verdwenen
“twee Eikenhouten bruin geboende kasjes, beide op elkander passende, van binnen van verscheidene laden voorzien, van voren elk met twee deuren, en op zijde met twee ijzeren handvatsels”. Die kastjes bevatten o.a. de hele kerkelijke administratie
“van alle oude tijden af”.
Schout en Kerkmeesters van Jaarsveld stellen een beloning van 40 gouden dukaten (ongeveer fl 60) in het vooruitzicht voor degene die
“gemelde kasjes(..) wederom aan het huis van den Heer Predikant brengt”. Een behoorlijk bedrag dat volgens het
Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam op dit moment een koopkracht zou hebben van ca € 1.500
Uit het volledig ontbreken van de administratie van voor 1787 kunnen we afleiden dat deze beloning nooit is uitgekeerd.
De actie van de kerkenraad van Jaarsveld in 1788 om de schade zo goed mogelijk te herstellen die was ontstaan door het plunderen van de Pruisische troepen werd groots aangepakt.
In drie kranten in resp. Haarlem, den Haag en Rotterdam, werd een oproep geplaatst. Zo’n krant zag er vroeger totaal anders uit dan vandaag.
62